Gerard Lohuis van P60

De toekomst in verwachting V

Gerard Lohuis: met een nieuwe mindset en passie aan het werk

Ergens verborgen tussen de uitgestrekte woonwijken ligt het stadshart van Amstelveen met het enorme Stadsplein verborgen. Als een eenzame vlieg op de ruit van een deur steek ik het plein over op weg naar P60, een poppodium dat ergens in de verste uithoek van het plein is weggedrukt. In Amstelveen wordt aan jongerencultuur gedaan maar het liefst ver buiten het blikveld van de winkelende burger. Maar als er iemand jongerencultuur en popmuziek vanuit het schemer in het volle daglicht kan trekken is dat Gerard Lohuis: vindingrijk, politiek bedreven, maar ook zakelijk savvy met een groot hart en passie voor cultuur en met name jongerencultuur. In de afgelopen 19 jaar wist hij P60 dat begon als een poppodium met café, uit te bouwen tot een hyper moderne concertzaal vol opname apparatuur, drie oefenruimtes, en lokalen waar cursussen op het gebied van muziek gegeven worden. Maar hoe modern P60 ook is, Covid heeft ook hier op de deur geklopt. Niet met een zeis maar wel met een verticuteerhark. Waar ooit het zweet rond spetterde, de mensenmassa kolkend huiden schuurde tijdens afgeladen clubavonden, resten nu 60 spotlights die op de vloer aangeven wat jouw territorium is.

“Het zag er naar uit dat het één van onze beste jaren ooit zou worden toen ongeveer medio maart alles dichtging en niets meer mocht. Dan kom je met je team van zestien mensen (8 fte) en daarbij nog een groep van tachtig vrijwilligers in een nieuwe werkelijkheid terecht. Ik merkte wel dat iedereen, inclusief mijzelf de eerste twee, drie weken zoiets had van wat gebeurt er nu? Hoe gaan we hiermee om? Ik had zo mijn eigen zorgen. Salarissen en kosten gingen gewoon door. Daar kwamen gelukkig regelingen voor maar je moest wel zorgen dat personeel en vrijwilligers met het bedrijf verbonden bleven. In het begin hebben we twee a drie dagen op locatie doorgewerkt. Het groot onderhoud voor horeca en techniek trokken we naar voren. Normaal deden we dat in de zomer als we dicht waren. Om de twee weken hielden we op vrijdagmiddag een borrel via zoom om contact te houden met iedereen die niet in het pand aan het werk was. Die borrels gingen af en toe tot laat door, dus ik denk dat het gelukt is om iedereen bij het podium betrokken te houden. Maar na vier weken was alles wel af en glanzend schoon en ga je op zoek naar de volgende stap: hoe blijven we zichtbaar voor het publiek?”

“Gelukkig hadden we recentelijk vrij veel geïnvesteerd in audiovisuele opname apparatuur voor de concertzaal. Als podium onder de rook van Paradiso en de Melkweg moet je een sterke eigen identiteit creëren. Zowel voor het publiek als voor de artiesten. Met die apparatuur zijn we in staat om concerten professioneel te registreren en met één druk op de knop live te streamen. Die investering blijkt nu goud waard. We konden vrij snel online verder met het aanbieden van programma’s. En toen we na 1 juli weer open mochten met maar 60 in plaats van 600 plaatsen in de zaal, hebben we programma’s ontwikkeld die zich met name richtten op het ontwikkelen van nieuw talent. Je kan niet een band die normaal € 10.000 euro kost, laten spelen in een zaal waar volgens de normen 60 mensen in mogen. Tenzij die band zijn prijs enorm laat zaken of de prijs van het ticket enorm stijgt. We zijn op zoek gegaan naar een mogelijkheid om fysiek optreden met live streamen zo aantrekkelijk mogelijk te maken. Alleen een live concert uitzenden is niet zo interessant. Je moet er een verhaal omheen vertellen en dingen laten zien die het publiek normaal niet ziet: de zenuwen vlak voordat de artiest op gaat, de interactie met de geluidsmensen, de rituelen vlak voor het optreden. Er is veel te verzinnen. Dat moet ook want de online kijker mist de live ervaring. Voor het publiek dat wel aanwezig kan zijn, gelden weer andere uitdagingen: niet juichen, niet omhelzen en niet bij elkaar in de buurt komen. De optredende artiest mag dan weer niet te nat zingen of de op een andere manier de verspreiding van lichaamsvocht bevorderen. De regels zijn duidelijk maar zoals je weet is papier geduldig en vaak een tijger. Hoe het in de praktijk zou uitpakken, wist niemand. Experimenteren dus.”

“Zo hebben we een Industrial Hardcore dansfeest georganiseerd. Als er iets stuitert, dan is het dat wel. Ga dan maar eens stilzitten op een stoel. We hadden stoelen neergezet en heel duidelijk met licht aangegeven waar je plaats was. Bestellingen werden bezorgd waardoor je een soort VIP gevoel kreeg. Het was best wel ingewikkeld, zeker toen het publiek in de flow kwam en wat drank op had. Op dat moment werd je een soort politieagent die iedereen op die anderhalve meter moest wijzen. Halverwege kreeg iedereen ook nog eens huidhonger. Ze wilden gaan knuffelen. Toen werd het zowel voor publiek als organisatie extra moeilijk. Het was een mooi experiment. We hebben het nu vaker gedaan en het werkt. Je moet de richtlijnen naleven ook bij een dance event met heel weinig mensen. Een optreden van een akoestische singer songwriters is een stuk makkelijker. Daarbij blijft het publiek wat makkelijker netjes op een stoel zitten kijken en luisteren. We hebben zowel qua singer songwriters als dj’s veel talent in onze oefenruimtes en met de nieuwe opzet kunnen we veel voor ze doen.”

“Talentontwikkeling hoort ook bij een podium met een capaciteit van rond de 600 personen. Martin Garrix is bijvoorbeeld hier begonnen met zijn Speakerz feesten toen hij 12 was. Je moet nieuw talent veel ruimte geven zodat ze kunnen optreden en als het dan goed gaat, kunnen ze doorstromen. Wij zijn ze dan over het algemeen kwijt maar dat is prima. Je hebt dan je doel bereikt. Het is denk ik wel iets ingewikkelder en moeilijker om in deze tijd groot te worden. In het verleden kon je in het voorprogramma van een grote naam staan en had je meteen een volle zaal om je te bewijzen. Dat gaat niet meer maar we kunnen ze wel als headliner neerzetten. Het is voor beginnende acts goed te doen om een zaal van zestig vol te trekken. Daarmee geef je ze de kans om een eigen verhaal te vertellen en dat ook live te streamen. Als je een beetje handig in sociale media bent, is dit een gouden kans en we krijgen er heel veel positieve reacties op. Opeens hadden mensen door dat we dit ook doen en kregen we aanvragen van bedrijven en de cultuur sector of we met streamen ook wat voor hen konden betekenen. Dat is een welkome aanvulling. Pre-Corona verhuurde we de zaal vaak voor bedrijfsfeesten. Die inkomsten zijn weggevallen. Nu gaan we bedrijfspresentaties streamen.”

“Ik ga ervan uit dat die anderhalve meter nog wel een tijdje gaat duren. Als er al geen tweede lockdown komt. In het buitenland heb je eigenlijk al een tweede golf. Het zal niet zo zijn dat het overal gebeurt, behalve in Nederland. Vroeg of laat krijgen we daar mee te maken. Totdat er een vaccin is, zal met name de evenement wereld met deze realiteit te maken hebben. Dus dan denk ik ook dat je gewoon naar je verdienmodellen moet kijken. Waar ben je sterk in als podium? Wat kun je voorlopig niet meer doen? Je moet daar realistisch in blijven. Misschien hebben we wel tot eind 2021 met die anderhalve meter regel te maken?”

“We weten dat de culturele sector keihard geraakt gaat worden. Een groot deel van cultuur is afhankelijk van subsidies ook al is het percentage eigen inkomsten sterk gestegen door alle bezuinigingen van de laatste jaren. Het is een hele kwetsbare sector en afhankelijk van publiek. Net zoals de toeristensector sector. Als toerist of publiek wegvalt, of dat nu komt door een slecht product of door een corona virus, ben je in principe de sigaar. Bij een slecht product is dat verdiend. Bij het andere is het natuurlijk overmacht. Cultuur is een groot deel van ons erfgoed en een groot deel van onze vrije tijdsbesteding. Cultuur inspireert, raakt, en confronteert. Het is emotie. Het is daardoor een onmisbaar onderdeel van de samenleving, net als eten en drinken. Cultuur is een onderdeel van de economie en als je de economie redt, moet je ook de cultuur redden. In een stad waar totaal geen cultuur is, doet de economie het ook niet goed. In een stad waar veel cultuur is, heb je veel bedrijfsleven en daar trekken mensen naar toe. Cultuur stimuleert de economie. Onze eigen inkomsten komen weer een beetje op gang maar de grote klap in de sector moet nog komen. Kijk naar de festivals, als je weet wat voor fijnmazig netwerk daarachter zit dat precies op elkaar aansluit met horeca leveranciers, freelancers, tenten bouwers enz.. Daar zitten veel kleine ondernemers bij. In Engeland is een enorm bedrag beschikbaar gesteld net als in Duitsland. In Nederland bungelt cultuur er altijd bij. Dat is leuk voor als het goed gaat met de economie. Dan stoppen we er geld in. Maar voor Duitsland en Engeland heeft cultuur veel meer waarde. Zij zien er de enorme rijkdom van in.“

“Corona heeft ons een spiegel voorgehouden. Voor het virus had iedereen het altijd druk, druk druk. Niemand had tijd. Iedereen jaagde de hele dag van het ene naar het andere. Ondertussen zaten meer dan één miljoen mensen op de antidepressiva en we deden iedereen op sociale media geloven dat we allemaal gelukkig, happy en blij waren. We renden allemaal achter elkaar aan. Euh ja, en waar naartoe eigenlijk? Opeens werd je in één keer teruggeworpen op jezelf. Zat je daar alleen thuis en besefte je in wat voor waanzin we leefden. Neem AirBnB en het massatoerisme. Leuk, maar er is geen hond die in deze stad nog een normaal huis, flatje of kamer kan huren. En waarom zaten we met z’n allen al die uren in de files? Elke ochtend en dan ‘s avonds weer. Nu is die waanzin even tot stilstand gekomen en wie weet wat mensen gaan ontdekken. Ik denk dat het voor heel veel mensen wel een goede reflectie is geweest. Zou mooi zijn als er een kentering komt. Maar eigenlijk geloof ik daar niet zo in. Ik hou van geschiedenis en als je geschiedenis erop naslaat, zijn mensen hardleers. Ik denk ook dat het overgrote gedeelte zo gauw het weer kan en mag, verder gaat met dol draaien als dwarrelde dwazen met het hoofd in het zand en het lijf mee wiegend in de waan van de dag. Ik hoor niets, ik zie niets dus er zal wel niets zijn. Dat zie je nu al. Waar we mee bezig waren, was niet goed voor de aarde en als we weer op dezelfde voet doorgaan, krijgen we niet alleen de klap van de corona maar ook de klap van het klimaat.”

“Het gaat om je instelling. Je kan er over klagen, maar elke crisis is een kans. Zo heb ik er altijd naar toe gekeken en zo moet je er ook samen met je collega’s naar toe kijken. Je kan ook gaan zeuren, klagen en protesteren. Maar daar kun je niet van eten. Je moet je mindset in een andere stand zetten. Ik ga ervan uit dat wij nog een hele lange tijd met deze situatie te maken hebben. Vanuit een nieuwe mindset moet je kansen zoeken en creëren en daarmee voortvarend met dezelfde passie als voorheen aan het werk gaan.”

Eerder verschenen in de serie ‘De toekomst in verwachting’
-
Kyra: online kan de ritselruimte niet vervangen
- Paul Huismans: het is een bungee jump met hopelijk een goed elastiek
- Jim Zielinksi: xenofobie heeft een ander gezicht gekregen
- Arnold Wegner: kleinschaligheid gaat groot worden
- Dimitri Madimin: er zijn geen zekerheden meer dus dit is de kans

As an educated historian, entrepreneur and self taught technologist I like to connect the dots of technical, social and economic developments.

Get the Medium app

A button that says 'Download on the App Store', and if clicked it will lead you to the iOS App store
A button that says 'Get it on, Google Play', and if clicked it will lead you to the Google Play store